Zoeken
Worden alle aardgasleidingen automatisch omgebouwd voor waterstof?
Nee. Niet elke aardgasleiding wordt standaard omgebouwd. Per leiding wordt bekeken of deze technisch geschikt is en welke rol het traject krijgt in het waterstofnetwerk. De staat van de leiding en de functie binnen het netwerk zijn daarbij bepalend.
Kan ik mijn huis aansluiten op het waterstofnetwerk?
Nee, uw huis sluiten we niet aan op het waterstofnetwerk. Groene waterstof, geproduceerd met groene stroom, is nog schaars. Het is dus belangrijk om slimme keuzes te maken over waar (groene) waterstof ingezet kan worden en waar dit het meeste effect geeft. Voor huishoudelijk gebruik zoals verwarmen, douchen en koken zijn al geschikte duurzame alternatieven, zoals bijvoorbeeld elektrisch verwarmen. Voor andere sectoren, zoals de zware industrie, is groene waterstof vaak de enige manier om te verduurzamen. Schaarse groene waterstof moet dus vooral in die sectoren worden gebruikt waar, ook op de lange termijn, geen duurzaam alternatief is.
Het aansluiten van huizen en kleinere bedrijven is de taak van regionale netbeheerders, zoals bijvoorbeeld Stedin of Enexis. Zij onderzoeken of er in de toekomst ook een waterstofnetwerk kan komen voor huizen en kleinere bedrijven.
Waarom wordt de industrie verbonden met het waterstofnetwerk?
De industrie in Nederland is op dit moment verantwoordelijk voor zo’n 25% van de nationale CO2-uitstoot. Door het gebruik van waterstof als grondstof en brandstof kan de uitstoot in de industrie worden verminderd en wordt er een bijdrage geleverd aan de klimaatdoelstellingen. Met het waterstofnetwerk worden de grote industriële regio’s met elkaar, met waterstofopslag en -importlocaties en met het buitenland verbonden.
Waarom duurde het zo lang voordat het Voorkeursalternatief werd vastgesteld?
De zorgvuldige afstemming met de initiatiefnemers van diverse andere (energie)projecten in Noord-Groningen heeft veel tijd in beslag genomen. Vooral in het noordelijke deel van ons project (Eemshaven, Oostpolder) zijn veel ontwikkelingen die in samenhang met elkaar zijn besproken en beoordeeld. Het voorkeursalternatief is met instemming van de betrokken bevoegde gezagen vastgesteld.
Ik heb in juli 2024 een zienswijze ingediend. Wat is hiermee gedaan?
Op 24 juli 2025 is het Voorkeursalternatief gepubliceerd met daarbij de reactienota. Iedereen die een reactie heeft ingediend, heeft hierover een persoonlijk bericht ontvangen. In de reactienota is ingegaan op alle ontvangen reacties. Deze kunt u teruglezen op de website van RVO onder het kopje ‘Stand van zaken’.
Welke mogelijke vervolgprojecten van Gasunie kunnen we in de regio en op onze percelen verwachten? Bijvoorbeeld CO₂ of warmte. Het heeft de voorkeur om deze gelijk mee te leggen met een waterstofleiding om de overlast in het gebied tot een minimum te beperken.
Het klopt dat er bij Gasunie plannen zijn voor nieuwe projecten in de regio. Deze bevinden zich nog in een studiefase. Er is nog geen concreet zicht op realisatie van deze projecten binnen de realisatieperiode van de waterstofleiding. Als projecten de status krijgen dat deze ook daadwerkelijk gerealiseerd gaan worden, dan moeten hiervoor ook de benodigde juridische procedurestappen worden doorlopen. In sommige gevallen betekent dit ook een MER-proces (met een afweging van alternatieven). Omdat ieder project deze procedure apart doorloopt, is het niet mogelijk om nu al toekomstige plannen mee te nemen in de (voorbereidingen op de) uitvoering van het waterstofnetwerk in Groningen. We kunnen daarom niet wachten op deze mogelijke toekomstige ontwikkelingen.
Waarom kunnen de buizen voor alle (toekomstige) type gassoorten niet in één keer aangelegd worden? Hoe vaak gaat de grond hier nog open?
Het is voor mogelijke toekomstige gassoorten (ook wel modaliteiten genoemd) bij Gasunie nog niet duidelijk of deze ook echt gerealiseerd gaan worden. Zie ook het antwoord op vraag 4. Daarnaast is de exacte ligging van deze leiding(en) nog niet duidelijk. Daarom kunnen deze leidingen niet in één keer in hetzelfde tracé als de waterstofleiding worden aangelegd.
Is Hynetwork ook verantwoordelijk voor de import en productie van waterstof?
Hynetwork bouwt een transportnetwerk voor waterstof. Wij zijn niet verantwoordelijk voor de productie, import of het gebruik van waterstof.
Waarom is de waterstofleiding van Hynetwork nodig als er een kickstarter-leiding komt?
Het waterstofnetwerk in Groningen maakt onderdeel uit van het landelijk waterstofnetwerk en verbindt de vijf grote industriële regio’s in Nederland met elkaar, met het buitenland en met locaties voor waterstofopslag en -import. De verwachting is dat de realisatie kan starten in 2027. Er is een aantal bedrijven in de Eemshaven dat graag eerder waterstof wil produceren dan dat Waterstofnetwerk Groningen gereed is. NorthGrid heeft daarom het plan om de kickstarter te realiseren. De waterstofleiding die wij aanleggen maakt deel uit van het landelijk hogedruk waterstofnetwerk, wat betekent dat de volumes van het transport van waterstof aanzienlijk groter zijn dan die van de kickstarter-leiding. Het landelijk waterstofnetwerk is vergelijkbaar met het hoofdtransportnetwerk voor aardgas dat Gasunie beheert.
Wat is een leidingenstrook (PEH-strook) en wanneer kan je hiervan afwijken?
Een PEH-strook is een leidingenstrook die is vastgesteld in het Programma Energiehoofdstructuur. Dit programma geeft inzicht in nieuwe nationale energie-infrastructuur die in de toekomst nodig is, zoals hoogspanningskabels, buisleidingen, elektrolysers, regelbare centrales en plekken voor de opslag van energie. Ook het landelijk transport van waterstof valt hieronder. Een belangrijk doel van het PEH is om op een zorgvuldige manier om te gaan met de benodigde ruimte voor de energie-infrastructuur. Het PEH vormt het kader voor projecten voor de realisatie van de energiehoofdstructuur en wordt in deze projecten ook verder uitgewerkt. De PEH-strook is de ruimte die planologisch gereserveerd is voor (toekomstige) buisleidingen. Het afwijken van deze strook kan alleen met een goede onderbouwing, bijvoorbeeld omdat er echt geen ruimte meer is om de waterstofleiding binnen de strook te realiseren.
Is er een alternatieve route voor de waterstofleiding?
Alternatieve routes voor de waterstofleiding zijn onderzocht in MER fase 1 en de Integrale Effectenanalyse. Op grond van dit onderzoek is door de ministeries van Klimaat en Groene Groei en van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening de voorkeursroute vastgesteld die wordt uitgewerkt in een projectbesluit.
Kan de leiding op bepaalde plekken enigszins afwijken van het voorgestelde tracé?
De vastgestelde voorkeursroute (VKA) bepaalt de route van het waterstofnetwerk. In de volgende fase, MER fase 2, wordt de route in meer detail uitgevoerd. Dit betekent dat de uitvoeringsmethode wordt bepaald en de meer exacte ligging van de buisleiding in de percelen. In de realisatie kan als gevolg van bijvoorbeeld een gestuurde boring het tracé minimaal afwijken van de route zoals in MER fase 2 is vastgesteld.
Wat is de aanpak van Hynetwork richting grondeigenaren en grondgebruikers?
Nu de route van het waterstofnetwerk in Groningen bekend is, worden er afspraken gemaakt met de grondeigenaren en -gebruikers. Dit doen we in goed overleg met alle betrokken grondeigenaren en grondgebruikers. We gaan in gesprek over het aanleggen van de leiding en hoe we dat willen doen en welke aanlegtechniek we gaan toepassen. Ook leggen we uit wat er wel en niet mag wanneer de leiding in de grond ligt. Zo geldt er bijvoorbeeld op een afstand van vijf meter aan beide kanten van de leiding een veilige zone. Dit betekent dat je in die zone niet zomaar potentieel gevaarlijke handelingen mag doen, zoals bijvoorbeeld het bouwen van opstallen en/of het doen van diepe ontgrondingen (graafwerkzaamheden waarbij de bodem tot aanzienlijke diepte wordt afgegraven). Deze afspraken leggen we vast in een zogeheten zakelijk recht overeenkomst.
We gaan ook in gesprek om afspraken te maken over de werkterreinen die straks nodig zijn wanneer we de leiding aanleggen. We hebben onder andere werkruimte nodig voor alle materialen, machines en werkvoertuigen. Deze moeten we via een bouwweg naar de locatie vervoeren. Bij de aanleg van een leiding komt nogal wat kijken en daarom gaan we graag tijdig in gesprek met de grondeigenaar en -gebruiker.
Meer informatie hierover is te lezen in de flyer Grondzaken.
Hoe worden de leidingen aangelegd en waarom wordt voor bepaalde aanlegtechnieken gekozen?
De leidingen worden bijna overal aangelegd in open ontgraving. Waar dat niet kan, wordt een zogenaamde sleufloze techniek gebruikt. Denk hierbij aan een gestuurde boring, een persing of een zinker. Dit komt voor bij onder andere kruisingen van (water)wegen, hoogspanningsverbindingen en dijken.
Hoe zien de werkstroken bij een gestuurde boring eruit?
Op sommige locaties komt het voor dat een deel van de leiding met een speciale boortechniek de grond wordt ingeboord. Met zo'n boring worden soms grote afstanden overbrugd. De te boren leiding wordt boven de grond helemaal aan elkaar gelast en klaargelegd voor het ‘intrekken’ in het boorgat. Zo'n leidingstreng kan wel een kilometer lang zijn. De werkstrook of uitlegstrook is de strook waarop deze leidingstreng wordt gelast en klaarligt om in te trekken. Het gaat dan om een leiding met een diameter van ruim een meter (Eemshaven naar Tjuchem) en 0,40 meter (Tjuchem naar Delfzijl). Hier is ruimte voor nodig. Ook dit doen we in goed overleg met de omgeving.
Hoe krijgen we de waterstof waar we het nodig hebben?
Waterstof kan op verschillende manieren getransporteerd worden. Bijvoorbeeld per boot, vrachtauto of door pijpleidingen. Om te zorgen dat grote industriële bedrijven waterstof kunnen gebruiken, realiseren we in Nederland een waterstofnetwerk. Dit netwerk verbindt de industrie in de grote clusters met elkaar, met het buitenland en met waterstofimport en -opslaglocaties.
Ik wil wel meewerken dat de leiding in mijn perceel komt maar dan alleen middels een boortechniek en geen open ontgraving. Dit voorkomt ook de risico’s op verzilting. Is dit onderzocht en zo ja, wat is de uitkomt daarvan?
Het uitgangspunt van Waterstofnetwerk Nederland en dus ook van Waterstofnetwerk Groningen is ‘open ontgraving tenzij’. Dat wil zeggen dat de leiding in open ontgraving wordt aangelegd, tenzij de lokale omstandigheden een andere techniek noodzakelijk maken. Een open ontgraving is bij leidingen van grote diameters, zoals voor waterstof, de meest passende aanlegtechniek en brengt veel minder hinder met zich mee voor grondeigenaren dan een gestuurde boring. Zie ook het antwoord op vraag 21. De zorgen om het optreden van verzilting zijn bij ons bekend. Hynetwork doet onderzoek hiernaar in delen van het gebied (zie ook vraag 19). Het uitgangspunt van dit onderzoek is inzicht te krijgen in de lokale situatie en indien nodig maatregelen te treffen om het mogelijk optreden van verzilting in de wortelzone van gewassen zo veel mogelijk te voorkomen.
Hoe houdt Hynetwork rekening met het risico op verzilting bij de aanleg van de leidingen?
Wij onderzoeken de mogelijkheid van het optreden van verzilting in de wortelzone van gewassen in verschillende delen van het gebied. Daarbij worden de nulsituatie (situatie zonder onze werkzaamheden), de situatie voor en na afloop van de werkzaamheden in kaart gebracht en gemonitord. Samen met de aannemer worden de resultaten beoordeeld en mogelijke mitigerende maatregelen getroffen wanneer hier aanleiding voor is. Bijvoorbeeld door hier rekening mee te houden bij het bepalen van de bemalingsaanpak. De resultaten van het onderzoek worden (op verzoek) met de grondeigenaar gedeeld, maar niet openbaar gepubliceerd.
Wij hebben het gevoel dat het project doorgaat ondanks dat wij hier geen voorstander van zijn, of dit gewoonweg niet willen. We worden daarin niet serieus genomen.
Het ministerie van Klimaat en Groene Groei heeft Hynetwork de opdracht gegeven het landelijk waterstofnetwerk te realiseren. Het project is van nationaal belang. In de afgelopen jaren – in de planvoorbereidingsfase – hebben wij geprobeerd zo goed mogelijk rekening te houden met de belangen van alle betrokkenen in het gebied, en ook met uw belangen. Samen met de omgeving hebben we gekeken naar mogelijke alternatieve routes voor de leiding. We voeren continu gesprekken met perceeleigenaren om te af te stemmen op welke manier wij zo min mogelijk belemmerend kunnen werken en de bedrijfsvoering zo min mogelijk in de weg zitten. We vinden het heel belangrijk om tot en met de in gebruik name van de leiding persoonlijk bereikbaar te zijn voor iedereen die met de aanleg te maken gaat krijgen.
Er zit een verschil in aanpak van PAWOZ ten opzichte van de waterstofleiding wanneer het gaat om de gekozen uitvoeringstechniek. Het advies aan de minister bij PAWOZ is om zo veel als mogelijk te boren als een mitigerende maatregel tegen het optreden van verzilting. Waarom wordt dit uitgangspunt niet gekozen bij de realisatie van het waterstofnetwerk?
Voor leidingen met een diameter zoals voor waterstof (bijvoorbeeld 105 cm diameter) is open ontgraving de standaard aanlegtechniek. Dat wil zeggen dat de leiding in open ontgraving wordt aangelegd. Alleen wanneer de lokale omstandigheden dit vragen wordt er gekozen voor een andere uitvoeringsmethode. Denk bijvoorbeeld aan een gestuurde boring of persing bij het kruisen van (water)wegen/dijken of bij beschermde natuur. Het boren van leidingen met grote diameters (in tegenstelling tot relatief kleinere hoogspanningskabels) is aanzienlijk duurder en brengt meer hinder met zich mee dan bij een aanlegmethode met open ontgraving. Wij zoeken altijd naar de technisch en economisch beste aanlegmethode (wat kan en wat is betaalbaar). Hierbij houden we rekening met alle omstandigheden van de locaties.
Zijn de agrarische waarden meegenomen/meegewogen in de keuze van de route van de leiding en op welke manier is LTO Noord hierbij betrokken?
In de Integrale Effectenanalyse (onderdeel van de besluitvorming van de voorkeursroute) is een agrarische waardenanalyse opgenomen. De onderwerpen die hierin aan de orde komen zijn vastgesteld in samenspraak met LTO Noord. Het rapport is ook met LTO Noord (voor)besproken. Gedurende het project hebben wij regelmatig afstemming met de bestuurder en adviseur van LTO Noord om zo de belangen van de grondeigenaren in het gebied zo goed mogelijk te bespreken en hier rekening mee te houden.
Ik wil graag een zakelijk recht overeenkomst met een tijdelijke duur van bijvoorbeeld 30 jaar, kan dat?
Wij sluiten contracten voor onbepaalde tijd, omdat de leiding wordt aangelegd ten behoeve van een maatschappelijk belang voor de duur zolang het nodig is. Indien in de toekomst blijkt dat deze leiding niet meer nodig is voor dit maatschappelijke belang, dan zal het gevestigde recht automatisch (van rechtswege) eindigen. In de algemene voorwaarden van het contract kunt u hier meer over lezen.
Ik ben tegen de aanleg. Wat zijn de beroepsmogelijkheden?
Voor het waterstofnetwerk wordt een (publiekrechtelijke) projectprocedure (conform de Omgevingswet) doorlopen. Het ministerie stelt hiervoor zelf een projectbesluit vast. Daarnaast zijn er verschillende vergunningen nodig om het netwerk te kunnen aanleggen. Tegen zowel het projectbesluit als tegen de vergunningen is het mogelijk om beroep aan te tekenen.
Wat gebeurt er als ik niet meewerk aan de uitvoering en hiervoor geen zakelijk recht overeenkomst wil tekenen?
Het landelijk waterstofnetwerk is een project van nationaal belang. Als het niet lukt om tot overeenstemming te komen, dan vraagt Hynetwork de minister van Infrastructuur & Waterstaat een gedoogplicht op te leggen aan de grondeigenaar/-gebruiker met wie wij geen overeenstemming hebben bereikt. De grondeigenaar/-gebruiker zal op grond van de door de minister opgelegde gedoogplicht de aanleg en de instandhouding van de waterstofleiding moeten toestaan.