Werkterrein en uitlegstrook: welke ruimte is er nodig voor het aanleggen van een waterstofleiding?
Voor de aanleg van een waterstofleiding is tijdelijk ruimte nodig. Op die ruimte werken mensen en machines, worden materialen opgeslagen en worden werkzaamheden uitgevoerd. Deze tijdelijke ruimte noemen we het werkterrein.
Een onderdeel van het werkterrein is de uitlegstrook. Hier worden losse buizen aangevoerd, op een rij gelegd, aan elkaar gelast en gecontroleerd. Zo ontstaan stap voor stap leidingdelen boven de grond die daarna in de grond worden aangelegd. Uiteindelijke vormen al deze leidingdelen samen één lange waterstofleiding.
Hoeveel ruimte nodig is, verschilt per locatie. Dat hangt onder andere af van de omgeving en de manier waarop de leiding worden aangelegd.
Wat is een uitlegstrook?
Een waterstofleiding bestaat uit losse buizen. Op de uitlegstrook worden deze buizen aan elkaar gelast tot leidingdelen. Het lassen, controleren en beschermen van de lasverbindingen gebeurt boven de grond. Dat is veiliger en praktischer dan bijvoorbeeld werken in een sleuf die we graven waarin de leiding komt te liggen.
Daardoor kunnen er tijdelijk lange stukken leiding boven de grond zichtbaar zijn. Zodra de werkzaamheden zijn afgerond en de leiding onder de grond ligt, ruimen we het werkterrein weer op.
Waarom verschilt de ruimte per locatie?
De ruimte die we nodig hebben voor de aanleg van een leiding verschilt per locatie. Dat komt doordat iedere omgeving anders is en de leiding niet overal op dezelfde manier wordt aangelegd. De hoeveelheid ruimte hangt bijvoorbeeld af van:
- De grootte van de leiding
- De bodem
- Wegen, spoorlijnen en watergangen, zoals kanalen, rivieren of sloten
- Kabels en andere leidingen in de omgeving
- De beschikbare ruimte
- Natuur, landbouwgrond en woningen en bedrijven in de omgeving
Daarom kan een werkterrein er op de ene locatie anders uitzien dan op een andere locatie.
Verschillende werkzaamheden, verschillende werkterreinen
Een waterstofleiding wordt niet overal op dezelfde manier aangelegd. Op veel plaatsen wordt een sleuf gegraven waarin de leiding wordt gelegd. Op andere locaties is een boring nodig, bijvoorbeeld onder een weg, spoorlijn, watergang of natuurgebied. De gekozen manier van aanleggen bepaalt ook hoeveel ruimte nodig is en hoe het werkterrein wordt ingericht. Niet iedere aanlegmethode vraagt om dezelfde ruimte. Daarom kan een werkterrein op de ene locatie heel anders zijn ingericht dan op een andere locatie.
Open ontgraving
Bij een open ontgraving worden de buizen eerst op de uitlegstrook neergelegd. Daar lassen we ze aan elkaar en controleren we ze. Daarna gaat de leiding de grond in, in de sleuf die we hiervoor hebben gegraven.
HDD-boring
Bij een HDD-boring (gestuurde boring) maken we op de uitlegstrook eerst één leidingdeel door losse buizen aan elkaar te lassen. Dit leidingdeel trekken we daarna in één keer door het boorgat. Hoe langer de boring, hoe langer het leidingdeel en hoe meer ruimte nodig is op de uitlegstrook.
Boogboring
We gebruiken een boogboring om de leiding onder een weg, spoorlijn of watergang aan te leggen. De boring volgt daarbij een gebogen lijn in de grond. Aan deze boogvorm dankt de techniek haar naam. Aan beide kanten van de kruising is werkruimte nodig voor machines en werkzaamheden. Bij een boogboring is, net als bij andere boortechnieken, ruimte nodig voor een werkterrein en een uitlegstrook. Hoeveel ruimte nodig is, hangt af van de lengte van de boring en het leidingdeel dat wordt aangelegd. Op de uitlegstrook voeren we buizen aan en lassen we ze aan elkaar tot één leidingdeel. Hoeveel ruimte nodig is, verschilt per locatie.
Gesloten front boring (GFT-boring)
Als we onder een weg, spoorlijn of watergang door moeten, maken we ook vaak gebruik van een gesloten front boring. Op de uitlegstrook worden de buizen aangevoerd en aan elkaar gelast tot één leidingdeel. Deze leiding wordt vervolgens aangesloten op de boring. De ruimte die nodig is, hangt af van de lengte van de boring, de beschikbare ruimte en de situatie op locatie. Daarom kan de inrichting van het werkterrein en de uitlegstrook per boring verschillen.
Inploegen
Bij inploegen wordt de leiding met een speciale machine direct in de grond gebracht. Hierdoor hoeven we niet eerst een sleuf te graven. Op de uitlegstrook worden de buizen aangevoerd en aan elkaar gelast tot één leidingdeel. De ploegmachine brengt dit leidingdeel vervolgens in de grond. De ruimte die nodig is, hangt af van de lengte van de leiding, de bodem en de situatie op locatie. Daarom kan de inrichting van het werkterrein en de uitlegstrook per locatie verschillen.
Meer weten?
Welk werkterrein nodig is, hangt af van de aanlegmethode en de situatie op de locatie. Benieuwd hoe de verschillende aanlegmethoden werken? Bekijk dan onze pagina over de aanleg van nieuwe waterstofleidingen.
Nieuws & kennis